Celstraf voor bedreigen advocaten en hulpverleners

Celstraf voor bedreigen advocaten en hulpverleners

De rechtbank in Haarlem veroordeelt de 44-jarige Filip K. uit Amsterdam tot 6 maanden gevangenisstraf, waarvan 4 maanden voorwaardelijk voor verschillende gevallen van bedreiging en smaad. Er geldt een proeftijd van 3 jaar. Van de 8 ten laste gelegde feiten, zijn er 6 bewezen. K. wordt vrijgesproken van bedreiging van een agent en van het belagen van zijn ex-partner.

Op verschillende data in mei en juni 2023 heeft K. personen bedreigd. Hij bedreigde een medewerkster van Veilig Thuis telefonisch door te zeggen dat hij met zijn auto haar benen zou breken. Een voormalig advocaat van K. mailde hij dat hij de ramen van haar kantoor kapot zou maken als ze een geldbedrag niet zou overmaken. In twee telefoongesprekken met de Orde van Advocaten dreigde hij een medewerker met een mes om het leven te brengen. Een financieel adviseur van zijn ex-partner stuurde hij mails waarin hij dreigde met brandstichting. Ook publiceerde hij op smadelijke berichten over deze financieel adviseur op LinkedIn en Facebook. Eerder, in oktober 2022, had hij 2 politieagenten belemmerd in de uitvoering van hun beroep, was hij verbaal agressief tegen ze en heeft hij hen hinderlijk gefilmd. Aan K. was ook ten laste gelegd dat hij een agent met een mes heeft bedreigd en dat hij zijn ex-partner heeft belaagd.

Uit psychiatrisch onderzoek blijkt dat K. lijdt aan schizofrenie, psychoses en een cannabis- en cocaïneverslaving. Tijdens deze psychische toestand heeft de verdachte de feiten gepleegd. Volgens de psychiater en psycholoog kunnen de feiten hem daarom niet volledig worden toegerekend. Dagelijks cannabisgebruik en gebruik van cocaïne en alcohol kunnen zijn stoornissen hebben geprikkeld.

K. heeft zich in korte tijd schuldig gemaakt aan meerdere strafbare feiten, waaronder smaad, bedreigingen aan het adres van de Orde van Advocaten en een poging tot dwang. Dit zijn ernstige feiten waar de slachtoffers en de maatschappij veel nadeel van ondervinden. K. heeft volgens de rechtbank voor overlast en angst gezorgd bij personen die hun werkzaamheden uitoefenden en het goed met hem voorhadden.

De rechtbank houdt rekening met het feit dat de verdachte serieuze psychische problemen had in de periode waarin hij de strafbare feiten pleegde. K. heeft tijdens de zitting verklaard dat hij in een korte periode onbewust strafbare feiten heeft gepleegd en zich hier niet veel meer van kan herinneren. Het gaat nu beter met hem, mede door de opname in de forensisch psychiatrische kliniek en de medicijnen die hij krijgt.

De bedreiging van de agent acht de rechtbank niet bewezen omdat niet bewezen kan worden dat de verdachte met het mes dreigende bewegingen heeft gemaakt. Het belagen van zijn ex-partner acht de rechtbank ook niet bewezen, mede omdat er contact moest zijn tussen verdachte en zijn ex-partner over het gezag over hun dochter.

De rechtbank vindt dat K. wel strafbaar is voor de andere bewezen feiten, maar rekent het hem verminderd toe. Bij het voorwaardelijke strafdeel noemt de rechtbank een aantal bijzondere voorwaarden. K. moet zich onder andere melden bij de reclassering, zich laten behandelen in de GGZ, zijn medicijnen gebruiken, geen alcohol en drugs gebruiken en hij mag daar ook op worden gecontroleerd. Ook mag hij geen contact opnemen met zijn ex-partner, behalve schriftelijk over het gezag over hun dochter, en heeft hij een contactverbod met zijn slachtoffers.

Laat een reactie achter

Reacties

Nog geen reacties. Waarom begin je de discussie niet?

Geef een reactie